| Regina Mingotti | ||||
|---|---|---|---|---|
| Persoonsgegevens | ||||
| Ook bekend als | Regina Valentini | |||
| Geboortedatum | 16 februari 1722 | |||
| Geboorteplaats | Napels | |||
| Overlijdensdatum | 1 oktober 1808 | |||
| Overlijdensplaats | Neuburg an der Donau | |||
| Opleiding en beroep | ||||
| Beroep(en) | zangeres | |||
| Leermeester(s) | Nicola Porpora | |||
| Oriënterende gegevens | ||||
| Zangstem | sopraan | |||
| ||||
Regina Mingotti (geboren Valentini, Napels, 16 februari 1722 - Neuburg an der Donau, 1 oktober 1808) was een Duits-Italiaanse zangeres. Ze werkte onder andere in Dresden en Londen. Haar stijl werd omschreven als groots, maar miste wel zachtheid. Haar muzikaliteit was van een hoog niveau en ook als actrice werd zij gewaardeerd. Regina sprak Frans, Duits en Italiaans.
Regina was de dochter van een Duitse officier die in Napels werkte in Oostenrijkse dienst. Ze kreeg haar opleiding in een Ursulinenklooster in Grätz waar ze ook zangles kreeg. Mogelijk was de componist Michelangelo Valentini haar broer.
Haar eerste bekende optreden vond plaats in 1743 in Hamburg. Ze was daar onderdeel van het operagezelschap van Pietro Mingotti. Begin januari 1747 trouwde Regina met Pietro, maar het huwelijk hield niet lang stand.

In 1747 voerde Mingotti's gezelschap de opera La nozze d’Ercole e d’Ebe van Christoph Willibald Gluck uit tijdens het dubbelhuwelijk van Frederik Christiaan van Saksen met Maria Antonia Walpurgis en Maximiliaan Jozef met Maria Anna. De uitvoering van deze opera pakte goed uit voor hoofdrolspeelster Regina: ze kreeg nu een aanbieding om bij de hofopera van Dresden te gaan werken als tweede zangeres tegen een jaarsalaris van 2000 thalers. Ze kreeg in Dresden bovendien les van Nicola Porpora.
Haar periode in Dresden werd gekenmerkt door rivaliteit met de prima donna Faustina Bordoni. In 1750 werd de ruzie bijgelegd, waarna Regina voor een jaar in Napels ging werken. Faustina verliet in 1751 de opera van Dresden, waarna Regina haar positie als prima donna kon overnemen. Dit duurde echter niet lang: Regina verliet Dresden in 1752 en vertrok naar Madrid.
In 1754-1755 was Regina te vinden in Parijs en Londen. In de jaren 1756-1757 en 1763-1764 was ze in Londen actief bij het King's Theatre, waar ze samen met de orkestleider Felice Giardini de leiding overnam van het theater. Dit deed haar populariteit overigens geen goed. In 1756 kreeg ze ook nog een zoon die bekend werd als Samuel Felix von Buckingham; de vader was waarschijnlijk de edelman Piesaque de Non, uit Piëmont.
Regina ging in 1763 met pensioen in Dresden. Hierna verhuisde ze naar München en uiteindelijk streek ze neer in Neuburg. Daar werkte haar zoon Samuel als bosinspecteur.