Rosa setigera

Rosa setigera
Rosa setigera
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (planten)
Stam:Embryophyta (landplanten)
Klasse:Spermatopsida (zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'Nieuwe' tweezaadlobbigen
Clade:Fabiden
Orde:Rosales
Familie:Rosaceae (rozenfamilie)
Geslacht:Rosa (rozen)
Sectie:Synstylae
DC. (1813)
Soort
Rosa setigera
Michx. (1810)
Synoniemen
Afbeeldingen op Wikimedia Commons
Rosa setigera op Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Rosa setigera, ook wel bekend als de prairieroos, is een bladverliezende struik met een klimmende groeiwijze die behoort tot de rozenfamilie (Rosaceae). De wilde roos komt van nature voor in Noord-Amerika in het gebied tussen de Atlantische Oceaan en de Rocky Mountains. De roos staat bekend om haar late bloei, glanzende bladeren en opvallende herfstkleuren.

De wetenschappelijke naam van de soort werd in 1810 gepubliceerd door de Franse botanicus André Michaux (standaardafkorting Michx.). De soortaanduiding setigera betekent 'borsteldragend', 'borstelig' of 'bezet met stijve haren' (afgeleid van het Latijn seta, wat borstel of stijf haar betekent, en gerene, wat dragen of voeren betekent). Rosa setigera wordt ingedeeld bij de sectie Rosa sect. Synstylae.

Beschrijving

Rosa setigera (vroeger R. rubifolia genoemd) is een badverliezende rambler- of liaanroos die met de juiste ondersteuning een hoogte van 3 tot 4,5 meter kan bereiken, of zich als brede stuik over de grond kan uitstrekken. Jonge twijgen, bloemstelen en kelkblaadjes zijn vaak dicht begroeid met fijne, borstelige klierhaartjes. Oudere takken krijgen brede, licht gebogen stekels, waarmee de roos kan klimmen. Het blad bestaat meestal uit drie of vijf glanzende blaadjes met een gezaagde rand. Het lijkt erg op de bladeren van bramen. In de herfst kleuren de bladeren naar bronskleurig, rood of paars.

De roos bloeit laat in het seizoen, van eind juni tot en met juli. De enkelvoudige roze bloemen zijn ongeveer 5 centimeter breed en bestaan uit vijf bloemblaadjes en een geel hart van meeldraden. De kleur van de bloemblaadjes verbleekt na verloop van tijd. De bloemen verspreiden een zachte, zoete geur. Na de bloei verscheinen er kleine, bolvormige, orangerode rozenbottels. De roos is bestand tegen koude winters met temperaturen tot ongeveer -28 °C.

Rosa setigera is de enige rozensoort die tweehuizig is, wat betekent dat er uitsluitend mannelijke en uitsluitend vrouwelijke planten bestaan. Mannelijke planten hebben meer bloemen, rozenbottels komen alleen voor aan vrouwelijke planten.

Afbeeldingen

Hybriden (selectie)

Vroege Amerikaanse rozenkwekers gebruikten R. setigera om winterharde klimrozen te kweken voor gebruik in de tuin. Samuel en John Feast uit Baltimore behoorden tot de eersten. Hun bekendste hybriden rond 1843 waren 'Baltimore Belle' en 'Queens of the Prairies'. De volgende kweker die op grote schaal gebruik maakte van de winterhardheid van R. setigera was de Oostenrijks-Hongaarse rozenveredelaar Rudolf Geschwind (1829-1910). Hij noemde zijn winterharde kruisingen 'Nordlandrosen'. Ook Michael Henry Horvath (1868–1945), die in Hongarije werd geboren en rond 1890 naar Amerika emigreerde, maakte naam met het kweken van klimrozen op basis van R. setigera.

Literatuur

Zie de categorie Rosa setigera van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.