

Het sikhisme (Punjabi: ਸਿੱਖੀ Sikkhi) (uitspraak: /ˈsɪkːʰiː/) is een monotheïstische godsdienst die in het begin van de 16e eeuw ontstond in noordelijk India door de eerste leermeester goeroe Nanak Dev. Het is een onafhankelijk geloof met een eigen religieuze identiteit.
De bakermat van het sikhisme is de Punjab, een gebied in het noorden van het Indisch subcontinent. In 1947 werd de Punjab verdeeld tussen de nieuwe staten islamitisch Pakistan en seculier India, en de sikhs verloren veel van hun gebied. In 1966 werd de Indiase staat Punjab in drieën verdeeld (Punjab, Haryana en Himachal Pradesh), deels omdat de sikhs dan de meerderheid in hun eigen staat Punjab zouden behouden.
Er zijn wereldwijd ongeveer 25 tot 30 miljoen sikhs (2019); ongeveer driekwart hiervan woont in de Indiase deelstaat Punjab. Andere belangrijke populaties verblijven elders, voornamelijk in de Angelsaksische landen. Er zijn bijvoorbeeld meer dan 770.000 sikhs in Canada (2021; 2,1%), 524.000 in het Verenigd Koninkrijk (2021; 0,9%) en 280.000 in de Verenigde Staten (2020; 0,1%). Er zijn ook sikhgemeenschappen in Maleisië, Singapore en Oost-Afrika.
Het sikhisme werd geïnspireerd op het onderwijs van tien goeroes, die belangrijke religieuze onderwijzers en predikers waren. Het is een separate en progressieve religie met als basisgedachten één God, gelijkheid, rechtvaardigheid en vrijheid voor iedereen. Deze religie doet een beroep op zijn volgelingen om een leven van discipline, hard werken, liefdadigheid en meditatie te leiden. Zij accepteert het bestaan van alle geloven en tolereert geen bevooroordeling of onderdrukking op basis van godsdienst, kaste, kleur, geloofsbelijdenis, ras en/of sekse.
Sikhs aanbidden een god die bestaat voorbij alle verschijningen en die universeel toegankelijk is voor allen, ongeacht of men hindoe, moslim of van een ander geloof is.
De doctrines zijn vastgelegd in de Guru Granth Sahib, het heilige boek voor sikhs. De stichter en de eerste goeroe was Guru Nanak (1469–1539). Guru Nanak stichtte dit geloof in de 16e eeuw met zijn ideologie van Alle mensen zijn gelijk, vormen een onderdeel van het Goddelijke licht en kunnen de allerhoogste (spirituele) staat bereiken door samen te smelten oftewel op te gaan in die ene Almachtige God.
Het woord sikh is afgeleid van het sikkha uit Pali of śiṣya uit het Sanskriet; beide betekenen ze discipel. De betekenis houdt verband met het feit dat sikhs discipelen zijn van de tien goeroes.
Het sikhisme werd gevestigd door tien goeroes (leermeesters), die leefden tussen 1469 en 1708. Deze leermeesters waren intellectuelen wier hoofddoel in het leven het geestelijke en morele welzijn van de massa was. Elke goeroe voegde principes en praktijk toe aan hetgeen door zijn voorgangers werd onderwezen. Dit mondde uit in de verwezenlijking van de godsdienst. Goeroe Nanak was de eerste goeroe en goeroe Gobind Singh de laatste. Voordat Goeroe Gobind Singh overleed, verklaarde hij dat sri goeroe Granth Sahib, het heilige boek, de uiteindelijke en definitieve sikh goeroe was.
De tien goeroes waren:
De tiende goeroe, goeroe Gobind Singh Ji, was de laatste menselijke goeroe. Hij heeft in 1708 de Goeroe Granth Sahib benoemd tot de permanente goeroe van de sikhs. Hij riep de Sikhs op om de goeroe Granth Sahib te eren als het lichaam en geest van de tien goeroes.
De goeroe Granth Sahib of Ādi Granth is meer dan een heilig boek voor de sikhs. Het is de elfde en definitieve goeroe van de sikhs. Daarom tonen aanhangers van het geloof een grote eerbied voor het boek. Het boek heeft tevens de centrale positie bij de sikhistische plaats van verering genaamd gurdwara. Het heilige geschrift staat op een dominant platform in de belangrijkste zaal van de gurdwara en wordt tijdens de dienst met grote eerbied en waardigheid op een troon geplaatst.
De Ādi Granth bevat bijna 6000 hymnes die door de eerste vijf goeroes werden samengesteld: Nānak (974), Aṅgad (62), Amar Dās (907), Rām Dās (679) en Arjun (2218). Daarnaast bevat de Ādi Granth hymnes van de heiligen Bhakta en de Ṣūfīs-moslims (in het bijzonder Ravidāss, Kabīr en Farīd Khān).

De volgende doctrines zijn essentieel in het sikhisme:
De vijf symbolen van Khālsā, alle beginnend met de letter k, zijn voor alle mannelijke en vrouwelijke sikhs van belang. Ze worden vermeld in RahatnāmāĨ, die door tijdgenoten van goeroe Gobind Singh werd opgesteld; in de Ādi Granth zijn de vijf k's (kakkars) niet terug te vinden.
De belangrijkste van de k's is;
De andere vier k's zijn:
De volgende personen worden ook als heiligen beschouwd: