Suzanne Duchamp

Suzanne Duchamp
In het midden Suzanne Duchamp, tweede van rechts haar echtgenoot Jean Crotti
In het midden Suzanne Duchamp, tweede van rechts haar echtgenoot Jean Crotti
Persoonsgegevens
Volledige naam Suzanne Duchamp-Crotti
Geboren Blainville-Crevon, 20 oktober 1889
Overleden Neuilly-sur-Seine, 11 september 1963
Begraafplaats Cimetière monumental de RouenBewerken op Wikidata
Nationaliteit Frans
Opleiding en beroep
Opleiding gevolgd aan École des Beaux-Arts
Beroep kunstschilderBewerken op Wikidata
Werkveld schilderkunstBewerken op Wikidata
Oriënterende gegevens
Stroming dadaïsmeBewerken op Wikidata
Erkenning en lidmaatschap
Archieflocatie KandinskybibliotheekBewerken op Wikidata
Kunstenaars­map­locatie Smithsonian American Art and Portrait Gallery-bibliotheekBewerken op Wikidata
Links
RKD-profiel
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur

Suzanne Duchamp-Crotti (Blainville-Crevon, 20 oktober 1889 – Neuilly-sur-Seine, 11 september 1963) was een Franse dadaïstische kunstschilder, collagist, beeldhouwer en tekenaar. Haar werk was significant voor de ontwikkeling van het Parijse Dada en het modernisme en haar tekeningen en collages verkennen fascinerende genderdynamiek. Door het feit dat zij een vrouw was in de mannelijk dominante Dadabeweging, werd zij zelden beschouwd als een kunstenaar op zichzelf. Zij werd voortdurend overschaduwd door haar beroemde oudere broers, die ook kunstenaars waren, of werd vaak gereduceerd tot een beschrijving als simpelweg "de vrouw van" mede-kunstenaar Jean Crotti. Haar werk in de schilderkunst blijkt significant invloedrijk te zijn geweest op het landschap van Dada in Parijs en op de interesses van vrouwen in Dada. Zij nam een grote rol aan als avant-garde kunstenaar, werkend gedurende een carrière die vijf decennia besloeg, tijdens een turbulente tijd van grote maatschappelijke verandering. Zij gebruikte haar werk om bepaalde onderwerpen uit te drukken zoals persoonlijke zorgen over de moderne samenleving, haar rol als moderne vrouwelijke kunstenaar, en de effecten van de Eerste Wereldoorlog. Haar werk verweven vaak schilderkunst, collage en taal op complexe manieren.

Vroege leven

Duchamp werd geboren in Blainville-Crevon, Seine-Maritime in de Haute-Normandie regio van Frankrijk, nabij Rouen. Zij was het vierde van zes kinderen geboren in het artistieke gezin van Justin Isidore (Eugène) Duchamp (1848–1925) en Marie Caroline Lucie Duchamp (geboren Nicolle) (1860–1925), de dochter van schilder en graveur Émile Frédéric Nicolle.

Suzanne Duchamp-Crotti was de jongere zuster van kunstenaars Jacques Villon (geboren als Émile Méry Frédéric Gaston Duchamp), een schilder en graficus, Raymond Duchamp-Villon, een beeldhouwer, en Marcel Duchamp, een schilder, beeldhouwer en auteur. Zij was het dichtst in leeftijd en temperament bij Marcel Duchamp, en vormde en behield een hechte band en emotionele gehechtheid met hem gedurende hun hele leven. Geleerden, zoals Arturo Schwarz, hebben gespeculeerd dat er mogelijk een incestueuze relatie tussen hen beiden geweest is, hoewel dat beïnvloed was door de Freudiaanse denkschool van die tijd.

Opleiding

Zij begon haar studie in 1905 als schilder aan de École des Beaux-Arts in haar geboortestad Rouen toen zij zestien jaar oud was. Haar vroege werken weerspiegelden stijlen variërend van intimisme en fauvisme tot impressionisme en een conservatief kubisme, vaak familie- en kindertaferelen rond Rouen afbeeldend. Van 1909–1910 namen Marcel en Suzanne samen deel aan de activiteiten van de Société Normande de Peinture Moderne, een kunstenaarsgroep gevestigd in Rouen. Via deze groep werd zij blootgesteld aan avant-garde trends. Op 21-jarige leeftijd, in 1911, trouwde zij met een lokale apotheker genaamd Charles Desmares maar scheidde snel, verhuisde naar Parijs om te dienen als verpleegster tijdens de Eerste Wereldoorlog, wonend in Marcels appartement in rue la Condamine. Zij werkte in het Hôtel des Invalides, een van de grootste Franse militaire ziekenhuizen. Gedurende deze tijd bleef zij werken als kunstenaar, een aanwezigheid vestigend in de Parijse wijk Montparnasse en vaak Marcel vragend om feedback of advies.

Carrière

Vroeg Dada werk

Eind 1915 ging Suzanne Marcels atelier in Parijs opruimen en dit is waar zij voor het eerst leerde over zijn readymades. Tussen 1916 en 1921 produceerde zij een significant aantal werken in een formele taal die mechanomorf is gaan heten: beelden genomen van alledaagse mechanische of technologische objecten gerangschikt om menselijke activiteit, verlangen of gedrag te beschrijven of te impliceren. Het werk van Francis Picabia is typerend voor de mechanomorfe tendens. In een brief aan haar geschreven in januari 1916, legde Marcel zijn concept van de readymades uit en noemde het Fietswiel en het Flessenrek die zij ontmoet zou moeten hebben in het atelier. Hij vroeg haar een ervan te voltooien door het opschrift "d'après Marcel Duchamp" toe te voegen. Deze samenwerking met Marcel toonde zijn vertrouwen in Suzanne over haar openheid ten aanzien van radicale kunstproductie.

In 1916 ontmoette Suzanne Jean Crotti, een kunstenaar die in hetzelfde atelier werkte als Marcel. Gedurende deze tijd vond haar eerste golf van activiteit plaats, waarbij zij enkele van haar beste werken creëerde. Zij produceerde Un et une menacés ("Een Bedreigde Man en Vrouw"), die verwijst naar mechanische symboliek evenals echte machineonderdelen, wat sterk bijdraagt aan de dadaïstische beweging. Een van haar meest opmerkelijke werken is Multiplication Broken and Restored ("Gebroken en Herstelde Vermenigvuldiging"), voltooid in 1919. De compositie bevat dadaïstische beeldtaal met door mensen gemaakte objecten zoals een toren en stadsgezicht. Er wordt ook geloofd dat dit stuk direct uit haar persoonlijke ervaring komt in plaats van een ernstige kritiek op culturele normen te zijn.

Na het einde van de oorlog trouwden Suzanne en Jean in Parijs in 1919. Als huwelijkscadeau stuurde Marcel hen instructies voor een readymade die inhield dat een meetkundeboek op de veranda opgehangen moest worden en de wind en regen het geleidelijk uiteen te laten scheuren.

Parijse Dada

Gedurende deze tijd kreeg Dada grip in Parijs door figuren zoals Tristan Tzara. Jean en Suzanne waren niet erg betrokken tot 1921, maar beiden exposeerden drie werken in het prestigieuze Salon des Indépendants, naast kunstenaars zoals Francis Picabia. De kunst die benadrukt werd was die van de provocatieve mechanomorfe stijl. Hierna bleef Suzanne werken aan haar dadaïstische oeuvre, meer delicate aquarel- of gouacheschilderijen creërend. Een van deze schilderijen is "Marcel's Ongelukkige Readymade", het meetkundeboek afbeeldend dat zij van hem als cadeau ontving. Interessant genoeg inverteerde Suzanne het schilderij zodat het ondersteboven gepresenteerd werd.

Voltooid in 1920, wordt haar werk Ariette of Oblivion in the Thoughtless Chapel ("Ariëtte van Vergetelheid in de Gedachteloze Kapel") beschouwd als het sterkste dadaïstische werk dat zij creëerde met schijnbaar onzinnige inscripties en mechanische beeldtaal. Echter, net als bij Multiplication Broken and Restored, kwam de inspiratie voor dit stuk voort uit de toewijding die zij ervoer in haar relatie. Dit persoonlijke perspectief loopt tegen het Dada-sentiment in van kritiek op sociale conventies en het ondermijnen van cultuur.

In 1921 tekenden Jean en Suzanne, samen met 20 andere kunstenaars, de Dada souléve tout, een manifest gecreëerd door Tristan Tzara om de toenemend fascistische Italiaanse futurist, Marinetti te berispen. In april 1921 exposeerde zij met Crotti bij de Tabu-tentoonstelling het Salon d'Autonme, (in de Galerie Montaigne in Parijs); dit was enkele weken voor het Dada Salon op dezelfde locatie. In latere jaren bewogen Duchamp en Crotti zich verder weg van Dada en noemden hun werk Tabu. De Tabu-stukken waren meer geometrisch en abstract, op zoek naar bepaalde universele tropen, maar onthulden nog steeds een hoogst gepersonaliseerde symbolische taal. Tabu-werken putten uit een reeks van huishoudelijke of alledaagse kwesties, vereenvoudigd en gecombineerd op vaak opvallende manieren. Deze werken brachten nooit de bekendheid van Duchamps eerdere mechanomorfe stukken en worden niet breed besproken in literatuur over de kunstenaar.

Grafsteen van de familie Duchamp

Latere leven

Gedurende haar leven bleef Suzanne deelnemen aan tentoonstellingen, zoals de Femmes Peintures Français tentoonstelling in Galerie Barbazanges, georganiseerd door vrouwelijke kunstenaars die erkenning wilden in de kunstwereld. Zij exposeerde ook samen met Marie Laurencin in Les Femmes Artistes d'Europe in het Musée du Jeu de Paume in 1937.

In 1945, na de oorlog, werd Duchamp lid van de Union des Femmes Peintres et Sculpteurs en exposeerde regelmatig landschappen, portretten en bloemenstilleven op haar salons.

In 1967, in Rouen, hielp haar broer Marcel een tentoonstelling te organiseren genaamd Les Duchamp: Jacques Villon, Raymond Duchamp-Villon, Marcel Duchamp, Suzanne Duchamp. Een deel van deze familietentoonstelling werd later getoond in het Musée National d'Art Moderne in Parijs.

Dood

Suzanne Duchamp overleed in Neuilly-sur-Seine in 1963, op 73-jarige leeftijd, binnen een maand na de diagnose van een hersentumor.

Literatuur

Zie de categorie Suzanne Duchamp van Wikimedia Commons voor mediabestanden over dit onderwerp.