Benoit Hollander
Persoonsgegevens
Volledige naam
Benoit Abraham Hollander
Geboren
8 juni 1853
Overleden
27 december 1942
Oriënterende gegevens
Instrument
viool
Links
Benoit Abraham Hollander (Amsterdam , 8 juni 1853 – Londen , 27 december 1942 ) was een Britse violist , componist en dirigent van Nederlandse komaf.
Hij was zoon van kantoorbediende Abraham Benoit Hollander en Betse van Volen/Voolen. Broer Julius Hollander (1867-1915) was pianist en was getrouwd met de zus van Sara Benedicts .
Hij kreeg zijn muziekopleiding als pensionair van koning Willem III der Nederlanden in Parijs bij Camille Saint-Saëns (compositie) en Lambert Massart (viool). Hij zou ontmoetingen hebben gehad met Hector Berlioz (bij Massart thuis) en in de verhouding musicus/dirigent met Richard Wagner , Hans Richter en Michael Costa . Costa zag in hem de nieuwe Henryk Wieniawski . Na zijn opleiding vertrok hij op 21-jarige leeftijd naar Engeland en zette daar zijn carrière voort, te beginnen in Birmingham . Hij was dirigent van enkele orkesten, waaronder een plaatselijk orkest in Kensington. Op 8 juni 1910 (met twee herhalingen op 15 en 22 juni) dirigeerde hij in Wigmore Hall een orkest, waarbij zijn leermeester Saint-Saëns solist was tijdens de uitvoering van een aantal pianoconcerten van Wolfgang Amadeus Mozart . Hij speelde altviool in het strijkkwartet van Leopold Auer . Rond de eeuwwisseling van hij docent aan de Guildhall School of Music , waar een van zijn leerlingen Philip Martell was.
Hij schreef diverse orkestwerken en werken binnen de kamermuziek. Een aantal werken:
Mietje (opera)
Roland (symfonie, 1906)
Les derniers jours de Pompeii (symfonisch gedicht uit 1097 voor solisten, koor, orgel en orkest)
Drama voor orkest
Comédie voor orkest
Vioolconcert nr. 2
Celloconcert uit 1913
Fantasie, trio voor twee violen en altviool
Suite voor viool en piano in D majeur, Opus 6
Drie karakterstukken voor twee violen en altviool, opus 12 (Zingara, Rapsodie, Scherzo, 1895)
Lamente (opus 14, 1896) een werk ter nagedachtenis van Anton Rubinstein , dit werk dirigeerde de componist zelf op 9 april 1896 in het Koninklijk Concertgebouw met het Koninklijk Concertgebouworkest
Vioolconcert nr. 1 in d mineur, opus 15 (1896), dit werk werd diezelfde avond gespeeld onder leiding van Willem Mengelberg met als solist Max Mossel , aan wie het werk is opgedragen
Dubbelconcert voor viool en cello, opus 18
Vioolsonate nr. 1, opus 19
Strijkkwartet nr. 1 in b es mineur, opus 20
Pastoral fantasy voor viool en orkest, opus 26
Septet in Es majeur (piano, strijkkwartet, 2 hoorns), opus 28
Strijkkwartet nr. 2 in cis mineur, opus 30
Vioolsonate nr. 2 in g mineur, Opus 35
Bronnen, noten en/of referenties
Geïllustreerd muzieklexicon, onder redactie van Mr. G. Keller en Philip Kruseman, medewerking van Sem Dresden , Wouter Hutschenruijter (1859-1943) , Willem Landré , Alexander Voormolen en Henri Zagwijn ; uitgegeven in 1932/1949 bij J. Philips Kruseman, Den Haag; pagina 290
Jozef Robijns , Miep Zijlstra : Algemene muziek encyclopedie , Haarlem: De Haan, 1979-1984, ISBN 978-90-228-4930-9 , deel 4, pagina 281 vermeldt als sterfdatum 27 december 1924 en voornaam Benedictus
Everyman’s Dictionary of Music, compiled by Eric Blom, versie 1954
Nieuw Israelitisch weekblad, 1 augustus 1873
Interview met Benno Hollander in De Telegraaf, 4 maart 1939
Benoit Hollander op IMSLP
Archief Muziekinstituut met een niet uitgegeven pianoconcert
↑ De geboorteakte vermeldt alleen Benoit; inschrijvingen van het bevolkingsregister Benoit Abraham.