| Cercozoa | ||||||
|---|---|---|---|---|---|---|
| Cercomonas | ||||||
| Taxonomische indeling | ||||||
| ||||||
| Fylum | ||||||
| Cercozoa Cavalier-Smith, 1998 | ||||||
| ||||||
De Cercozoa, voorheen ook Filosa genoemd, is een fylum van diverse eencellige eukaryoten in de clade Rhizaria. De meeste soorten zijn eencellig en komen voor in bodems, zoetwater en mariene milieus. De groep is voornamelijk gebaseerd op fylogenetisch onderzoek en moleculaire kenmerken. Sommige vertegenwoordigers bezitten fijne, draadvormige pseudopodiën (filopodiën), waarmee zij zich kunnen voortbewegen of voedseldeeltjes opnemen.
De morfologische diversiteit is zeer groot, en er zijn weinig tot geen fenotypische kenmerken die alle Cercozoa gemeen hebben. Binnen deze groep bestaan flagellaten, amoeben, radiolariën, en vormen die een gemineraliseerd exoskelet (schaalstructuur) produceren. Een bijzondere groep van algen, de chlorarachniofyten, behoren ook tot de Cercozoa.
De levenswijzen en ecologische verspreiding van de Cercozoa is zeer groot. Ze zijn aangetroffen in vrijwel alle aquatische milieus, en leven heterotroof, als primaire producenten of als parasieten. Veel soorten zijn bacterivoor. Metagenomische analyses wijzen erop dat het de dominante groep protisten is in bodems.
Binnen de Cercozoa bevinden zich enkele van de best bestudeerde protistengeslachten, waaronder Cercomonas, een klassiek model voor heterotrofe flagellaten, en Euglypha, een bekende amoebe met een verkiezeld schaalomhulsel. Ook Thaumatomonas is relatief goed onderzocht vanwege de karakteristieke kiezelhoudende schubben op het celoppervlak. Binnen de fotosynthetische chlorarachniofyten zijn vooral Bigelowiella, Lotharella en Chlorarachnion bekend geworden door hun complexe plastiden met een nucleomorf. Daarnaast heeft Paulinella aandacht gekregen, omdat dit geslacht onafhankelijk een cyanobacteriële endosymbiont heeft opgenomen die evolueerde tot een fotosynthetisch organel.

De Cercozoa vormen een duidelijk monofyletische clade. De Cercozoa, Endomyxa en Retaria vormen drie fyla binnen de Rhizaria. De interne fylogenie is enigermate ontrafeld, maar de biologie en kenmerktoestanden van de meeste subgroepen is nog onbekend. De belangrijkste subtaxa zijn: