| Co Greep | ||||
|---|---|---|---|---|
Greep in 1976 | ||||
| Persoonlijke gegevens | ||||
| Volledige naam | prof. dr. J.M. Greep | |||
| Geboortedatum | 29 augustus 1929 | |||
| Geboorteplaats | Den Haag | |||
| Overlijdensdatum | 17 augustus 2004 | |||
| Overlijdensplaats | Maastricht | |||
| Nationaliteit | ||||
| Beroep | chirurg, hoogleraar | |||
| Academische achtergrond | ||||
| Alma mater | Universiteit Leiden, Universiteit Utrecht | |||
| Proefschrift | Antithrombine en aandoeningen van het pancreas | |||
| Promotor | Lambert Anthonie Hulst | |||
| Wetenschappelijk werk | ||||
| Soort hoogleraar | gewoon hoogleraar | |||
| Erkenning en lidmaatschap | ||||
| Werkt samen met | Cees Rein van den Hoogenband | |||
| Functies | ||||
| 1966-1975 | afdelingshoofd Sint Lucas Ziekenhuis | |||
| 1973-1992 | hoogleraar Rijksuniversiteit Limburg (RL) | |||
| 1977-1985 | decaan medische faculteit RL | |||
| ||||
Jacobus Marinus ("Co") Greep (Den Haag, 29 augustus 1929 − Maastricht, 17 augustus 2004) was een Nederlands chirurg en hoogleraar. Hij geldt als een van de pioniers van de medische faculteit van de Universiteit Maastricht, tot 1996 Rijksuniversiteit Limburg (RL) geheten. Hij was tevens de drijvende kracht achter de academisering van het ziekenhuis Sint Annadal, waardoor het Maastricht UMC+ ontstond. Greep was ook clubarts van Ajax en voorzitter van de Raad van Beheer van MVV.

Co Greep werd geboren in Den Haag in een hervormd middenstandsgezin als zoon van Krijn Greep (1905-1985) en Wouterina Johanna ("Tine") van den Boogert (1907-1986). In 1930 verhuisde het jonge gezin naar Rijswijk. Zijn vader was aannemer en bouwkundig administrateur en wilde dat zijn zoon in zijn voetsporen zou treden, maar Co was sinds een blindedarmoperatie op achtjarige leeftijd vastbesloten om arts te worden. Hij studeerde geneeskunde aan de Rijksuniversiteit Leiden en volgde de opleiding tot chirurg aan het Rotterdamse Coolsingel-Dijkzigt Ziekenhuis. Van 1961 tot 1964 verbleef hij in de Verenigde Staten waar hij werkzaam was in het Massachusetts General Hospital, verbonden met de Harvard Medical School in Boston. Hij promoveerde in 1958 aan de Rijksuniversiteit Utrecht bij prof. dr. Lambert Anthonie Hulst. Hij was van 1966 tot eind 1975 hoofd van de afdeling algemene heelkunde in het Sint Lucas Ziekenhuis in Amsterdam, terwijl hij tevens verbonden was aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Omstreeks dezelfde periode was hij clubarts van voetbalclub Ajax (1964-1975), maar ook na zijn vertrek uit Amsterdam bleef hij als arts bij de club betrokken.
Eind jaren zestig ontstonden er plannen voor de oprichting van een nieuwe medische faculteit (de "achtste"), waarbij Maastricht als mogelijke locatie werd genoemd. Eind 1972 werd Greep door de politicus Sjeng Tans en de Maastrichtse burgemeester Fons Baeten, de drijvende krachten achter de Maastrichtse lobby, gevraagd zich bij het project aan te sluiten, hetgeen hij aanvankelijk deed in combinatie met zijn werkzaamheden in Amsterdam. Vanaf 1974 maakte hij deel uit van een groep van zeven hoogleraren die de oprichting van de faculteit geneeskunde aan de toekomstige Rijksuniversiteit Limburg (RL) voorbereidden, de zogenoemde "Bende van Zeven". Naast Greep bestond de kernstaf uit: de internist Harry Hulsmans, de sociaal-psychiater Marius Romme, de huisarts Wim Brouwer, de chirurg Jos Lemmens, de biochemicus Coen Hemker en de patholoog-anatoom Roelof Willighagen. Voorzitter was de kinderarts en onderwijsvernieuwer Harmen Tiddens.
In 1977 werd hij decaan van de geneeskundefaculteit. In juni 1980 mocht hij de bullen uitreiken aan de eerste lichting afgestudeerde Maastrichtse artsen. Zijn voornaamste wapenfeit uit deze periode is de realisering van het nieuwe Academisch Ziekenhuis Maastricht. Zowel binnen de universiteit als daarbuiten waren velen van mening dat zo'n groot traditioneel academisch ziekenhuis niet nodig was. Met name Tiddens, die inmiddels de eerste rector magnificus was, keerde zich tegen Greep en zijn medestanders. Vanuit de politiek kwamen voortdurend signalen dat het door Greep gewenste "beste ziekenhuis van Nederland" er niet zou komen: te duur. Maar Greep hield vol en kreeg zijn zin. Ook wist hij de jarenlang slepende kwestie van de afkoopsommen van de Annadalspecialisten tot een goed einde te brengen.
Toen hij in mei 1985, na bijna acht jaar decaan te zijn geweest, door het faculteitsbestuur niet werd herbenoemd, was niet alleen hijzelf, maar de hele faculteit er ondersteboven van. Zijn verzet was tevergeefs. In 1992 nam hij, 63 jaar oud, afscheid van de universiteit, hoewel hij ook daarna nog betrokken bleef.
Behalve arts en hoogleraar was Greep bestuurder. Hij was onder andere bestuurslid van de Nederlandse Vereniging voor Heelkunde, van de Vereniging van Chirurgen en Internisten en van de Vereniging voor Medisch Biologische Informatieverwerking. Tevens was hij lid van de commissie van advies en bijstand van de Gezondheidsraad. In Maastricht was hij onder andere lid van de Kernstaf en lid van diverse commissies van de faculteit geneeskunde. Na zijn pensionering was hij de eerste secretaris-generaal van het mede door hem opgerichte Network Towards Unity for Health (TUFH).
Niet alles wat Greep aanpakte lukte. Toen de private Japanse Teikyo-universiteit begin jaren 1990 een dependance in Maastricht opende, richtte Greep een privékliniek in op de campus. Het Teikyo Medical Center met Greep als directeur functioneerde enkele jaren, waarna de Teikyo-organisatie het voor gezien hield in Maastricht. Greep was tevens betrokken bij het opzetten van een particulier ziekenhuis in de Algarve. Een poging om een tandartsenopleiding naar Maastricht te halen mislukte. In 1993 presenteerde hij een plan voor een grootschalig medisch infopark in Maastricht, Corpus genaamd. Rotterdam bleek plannen te hebben voor een soortgelijk park, het Asklepion Science Center. Beide projecten liepen op niets uit. Greep was ook een van de initiatiefnemers van wat FC Limburg had moeten worden, een fusie van drie Zuid-Limburgse profvoetbalclubs.

Co Greep was gehuwd met de Amsterdamse arts Nel van Ringelestein, die zich jarenlang inzette voor vrouwen met borstkanker en naar wie in 2008 een prijs werd vernoemd. Het echtpaar had drie kinderen. Dochter Ariane Greep, gehuwd met Bas Steman, is cineaste, filmregisseur en zangeres. In Maastricht bewoonde Greep met zijn gezin het landhuis "De Campagne" op de Louwberg, een voormalige buitensociëteit van de Maastrichtse jezuïeten, die hij omstreeks 1975 liet herbouwen. Hij nam volop deel aan het sociale leven in Maastricht. Zo zat hij in het organisatiecomité van het paardensportevenement Jumping Indoor Maastricht en liet hij zich geregeld zien bij culturele evenementen zoals de kunstbeurs Pictura, de voorloper van TEFAF. Zijn onbekommerde levensstijl werd niet door iedereen begrepen in het toen nog vrij katholieke Maastricht. Zo verscheen hij soms op feesten met twee vrouwen, zijn vrouw en zijn vriendin.
Greep overleed na een slopende ziekte op 75-jarige leeftijd. Het Maastrichtse universiteitsblad Observant kopte: "Greep wàs de faculteit geneeskunde". Redacteur Wammes Bos vatte zijn persoonlijkheid als volgt samen: "Greep was iemand voor wie het epitheton 'flamboyant' ongeveer uitgevonden moet zijn. Een vierkante verschijning, voor de duvel en z'n ouwe moer niet bang, een Macher, een bulldozer, met een onwaarschijnlijke energie en overtuigingskracht". Oud-rector Hans Philipsen schreef in hetzelfde blad: "De medische faculteit moest zich waarmaken ten opzichte van de rest van Nederland, ze moest respectabiliteit verdienen, ondanks alle nieuwlichterij in het onderwijs. Daarvoor moest je een dokter hebben met naam in het land, en iemand met hart voor onderwijs. Greep was zo iemand." In het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG) verscheen een In memoriam: "Greep creëerde binnen de Maastrichtse chirurgie een animerende omgeving waarin mensen graag het beste van zichzelf gaven. [...] Tevens bezat hij mensenkennis en rook hij talent. Van degenen die hij opleidde, zijn dan ook velen succesvol geworden."