| Desmidium | ||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Desmidium swartzii | ||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||
| ||||||||||
| Geslacht | ||||||||||
| Desmidium C.Agardh ex Ralfs, 1848 | ||||||||||
| ||||||||||
Desmidium is een in zoetwater voorkomende sieralg (Desmidiaceae) uit de orde Desmidiales en de stam Charophyta. Volgens AlgaeBase zijn er 25 soorten.
De soorten uit dit geslacht zijn draadvormige algen. De draden zijn onvertakt en hebben een doorsnede van 17 tot 50 µm. De draden bestaan uit cilindervormige cellen die meer breed dan hoog zijn en iets versmald zijn aan het eind. Ze hebben chloroplasten en een celkern midden in de cel. De aaneengesloten cellen zijn door een gelatineuze mantel omhuld. De draden vertonen torsie, dat wil zeggen draaiing in de lengteas van de draad.
De ongeslachtelijke voortplanting vindt plaats door deling van een willekeurige cel in de draad. De nieuw gevormde cel blijft in de draad. Anderzijds breken de draden gemakkelijk. De geslachtelijke voortplanting vindt plaats door conjugatie. Hierbij wordt tussen de cellen door verschillende draden een "brug" van plasma gevormd. De beide cellen versmelten vervolgens en vormen een zygote. De zygote vormt een soortkarakteristieke, verdikte celwand en gaat in ruststadium.
Soorten uit dit geslacht hebben een kosmopolitische verspreiding en komen vooral voor in oligotrofe wateren met een pH tussen de 4,5 en 5,5. Er staan vier soorten in het Nederlands soortenregister. Deze soorten worden vooral aangetroffen in vennen en veenmosmoerassen.