| Desmidiaceae | ||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Micrasterias rotata | ||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||
| ||||||||
| Familie | ||||||||
| Desmidiaceae Ralfs | ||||||||
| ||||||||
De Desmidiaceae zijn een familie van algen die behoren tot de orde van de Desmidiales. In het Nederlands worden zij placoderme sieralgen genoemd. Soms wordt de naam sieralgen alleen gebruikt voor de soorten en geslachten uit deze familie. Sieralgen komen voor in zoete, stilstaande wateren. Het zijn eencellige organismen die relatief groot zijn; met het blote oog zijn sommige soorten zichtbaar als fijne groene spikkeltjes. De frisgroen gekleurde cellen zijn symmetrisch en bestaan uit twee halfcellen die elkaars spiegelbeeld zijn. In de verbindingsbrug (isthmus) tussen de twee halfcellen ligt de celkern. Deze halfcellen variëren sterk in vorm. Ze kunnen bolvormig zijn of plat schijfvormig of langgerekt spoelvormig of diep ingesneden en/of voorzien van uitsteeksels. De combinatie van hun symmetrische vorm en de grillige contouren van de celwand geeft deze algen een sierlijk uiterlijk, vandaar sieralgen.
Sieralgen zijn organismen van schone, heldere wateren, vaak in combinatie met een weelderige vegetatie van ondergedoken waterplanten. Het aantal soorten en de biomassa van sieralgen nemen toe naarmate het water minder eutroof is door vermesting en depositie van stikstofverbindingen. Er is in Nederland veel bekend over de historische verspreiding van sieralgen dankzij het werk van de Nederlandse microbioloog Martinus Willem Beijerinck die in de jaren 1920 uitgebreid studie maakte van de verspreiding van sieralgen in vennen in Drenthe. Dankzij deze kennis en de activiteiten van fycologen georganiseerd in de sieralgenwerkgroep, zijn sinds de eeuwwisseling toepasbare beoordelingssystemen ontwikkeld die passen binnen de Europese richtlijn (Kaderrichtlijn Water).

Volgens AlgaeBase zijn er 48 geslachten.