
Een exsiccaat (meervoud: exsiccaten) is een gedroogd en geconserveerd exemplaar van een plant of schimmel dat wordt bewaard voor wetenschappelijk onderzoek. Exsiccaten worden gebruikt binnen de botanie, mycologie, bryologie en lichenologie. Ze dienen als referentiemateriaal voor de identificatie, vergelijking en beschrijving van soorten. Een afzonderlijk gedroogd exemplaar wordt in het Latijn aangeduid als exsiccatum.
Exsiccaten worden doorgaans bewaard in een herbarium. Een gespecialiseerde collectie van geconserveerde schimmels wordt ook wel een fungarium genoemd. Het bewaren van dergelijk materiaal maakt het mogelijk om determinaties later opnieuw te controleren en aanvullende kenmerken te onderzoeken.
Bij het verzamelen van materiaal voor een exsiccaat is het belangrijk dat de kenmerken van het organisme zo goed mogelijk behouden blijven. Planten worden gewoonlijk tussen absorberend papier geperst en gedroogd. Bij paddenstoelen worden de vruchtlichamen doorgaans zonder persen gedroogd, omdat hun driedimensionale structuur voor de determinatie van belang kan zijn.
In de mycologie worden paddenstoelen meestal gedroogd met behulp van een warme luchtstroom. Volgens de Nederlandse Mycologische Vereniging is een temperatuur van ongeveer 40 °C hiervoor geschikt. Zeer kleine of dunne vruchtlichamen kunnen met silicagel worden gedroogd. Dit is onder andere van belang bij kleine inktzwammen, waarvan de vruchtlichamen snel vervloeien.
Door het drogen veranderen vaak de kleur, vorm en afmetingen van het materiaal. Daarom worden vóór het drogen zo veel mogelijk kenmerken van het verse exemplaar vastgelegd. Bij paddenstoelen gaat het bijvoorbeeld om de kleur van de hoed en lamellen, geur, verkleuringen, afmetingen en de structuur van het vruchtlichaam. Ook foto's en microscopische waarnemingen kunnen aan het exsiccaat worden gekoppeld.
Een exsiccaat wordt voorzien van een etiket met gegevens over de verzameling. Hierop staan doorgaans:
Aanvullende gegevens kunnen bestaan uit geografische coördinaten, foto's, veldnotities en beschrijvingen van microscopische kenmerken.
Na het drogen wordt het materiaal opgeslagen in een geschikte verpakking, zoals een papieren envelop, herbariumvel of doosje. De verpakking beschermt het specimen tegen beschadiging, vocht en insectenvraat. Voor een langdurige bewaring zijn droge en stabiele opslagomstandigheden belangrijk.
Exsiccaten spelen een belangrijke rol bij taxonomie en systematiek. Ze maken het mogelijk om organismen uit verschillende gebieden en perioden met elkaar te vergelijken. Ook kunnen eerdere determinaties opnieuw worden beoordeeld wanneer nieuwe taxonomische inzichten beschikbaar komen.
Bij schimmels blijven na het drogen veel microscopische structuren behouden. Hierdoor kunnen bijvoorbeeld sporen, basidiën, asci, cystiden en hyfen later opnieuw worden onderzocht. Bovendien kan uit veel gedroogde specimens DNA worden geïsoleerd voor moleculair onderzoek.
Bij de wetenschappelijke beschrijving van een nieuwe soort kan een exsiccaat worden aangewezen als nomenclatuurtype. Dit typemateriaal vormt het blijvende referentiepunt voor de toepassing van de wetenschappelijke naam. Niet ieder exsiccaat is echter typemateriaal.
Historische exsiccaten kunnen eveneens worden gebruikt bij onderzoek naar de vroegere verspreiding van soorten, biodiversiteitsveranderingen en de evolutie van schimmels. Grote wetenschappelijke collecties, zoals het fungarium van de Royal Botanic Gardens, Kew, bevatten gedroogd materiaal dat meerdere eeuwen oud is.
Naast afzonderlijke specimens bestaan er ook gepubliceerde exsiccatencollecties, die internationaal worden aangeduid als exsiccata of exsiccatae. Dit zijn gestandaardiseerde, genummerde reeksen van geconserveerde exemplaren die met gedrukte etiketten worden verspreid onder wetenschappelijke instellingen en onderzoekers.
Een dergelijke reeks bestaat doorgaans uit meerdere exemplaren van dezelfde verzameling, die worden verdeeld over verschillende herbaria. Hierdoor beschikken onderzoekers op verschillende locaties over vergelijkbaar referentiemateriaal. De bijbehorende gedrukte etiketten en toelichtingen worden aangeduid als schedae.
Exsiccatencollecties worden sinds het einde van de 18e eeuw uitgegeven en hebben een belangrijke rol gespeeld bij de uitwisseling van botanisch en mycologisch onderzoeksmateriaal.
Een voorbeeld is Microfungi Exsiccati, een reeks die in 1991 werd gestart door de mycoloog Dagmar Triebel van de Botanische Staatssammlung München. Deze collectie omvat onder andere microscopische zakjeszwammen, plantparasitaire steeltjeszwammen en andere schimmelachtige organismen. Van de verzamelingen worden duplicaten verspreid onder herbaria in verschillende landen.
Sinds 2001 worden bibliografische gegevens over dergelijke reeksen verzameld in IndExs – Index of Exsiccatae, een databank van de Botanische Staatssammlung München. Hierin zijn onder meer de titels, samenstellers, publicatieperioden en nummerreeksen van exsiccatencollecties opgenomen.