| Johann Encke | ||
|---|---|---|
| Persoonlijke gegevens | ||
| Geboortedatum | 23 september 1791 | |
| Geboorteplaats | Hamburg | |
| Overlijdensdatum | 26 augustus 1865 | |
| Overlijdensplaats | Spandau | |
| Academische achtergrond | ||
| Alma mater | Georg-August-Universität Göttingen (1809 – 1813), Frederick William Universiteit (doctor – 1825), Gelehrtenschule des Johanneums (1808 – 1810) | |
| Promotor | Carl Friedrich Gauss | |
| Archieflocatie(s) | Archief van de Berlijns-Brandenburgse Academie der Wetenschappen | |
| Wetenschappelijk werk | ||
| Vakgebied | astronomie, wiskunde | |
| Erkenning en lidmaatschap | ||
| Lid van | Royal Society, Duitse Academie der Wetenschappen Leopoldina, Koninklijke Zweedse Academie van Wetenschappen, Russische Academie van Wetenschappen, American Academy of Arts and Sciences, Russische Academie van Wetenschappen, Pruisische Academie van Wetenschappen, Accademia Nazionale delle Scienze detta dei XL, Beierse Academie van Wetenschappen en Geesteswetenschappen, Göttinger Academie van Wetenschappen | |
Johann Franz Encke (Hamburg, 23 september 1791 – Spandau, 26 augustus 1865) was een Duits astronoom. Hij wordt soms verward met Karl Ludwig Hencke die ook een Duits astronoom was.
Hij is voornamelijk bekend voor zijn onderzoekingen omtrent de naar hem genoemde komeet (komeet Encke) en de Enckescheiding die hij in de A-ring van de ringen van Saturnus in 1837 ontdekte.
In 1825 werd hij directeur van de sterrenwacht van Berlijn. En vanaf 1828 redigeerde hij de Berliner Astronomisches Jahrbuch.
Krater Encke bevindt zich in het gebied tussen Mare Insularum en Oceanus Procellarum, ten westzuidwesten van de geprononceerde en zeer gemakkelijk waarneembare inslagkrater Copernicus. Krater Encke kreeg deze benaming van de Duitse selenograaf Johann Heinrich von Mädler.