Philipp Mohler

Philipp Heinrich Mohler (Kaiserslautern, 26 november 1908 – Frankfurt am Main, 11 september 1982) was een Duits componist, muziekpedagoog en dirigent. Van 1958 tot 1976 was hij directeur van de Hochschule für Musik und Darstellende Kunst Frankfurt am Main.

Levensloop

Mohler studeerde van 1928 tot 1934 zowel aan de Universiteit München alsook aan de Academie van de toonkunst te München bij Joseph Haas, Hermann Wolfgang von Walterhausen en Valentin Härtl. Hij werkte als muziekleraar en dirigent te München, Neurenberg en Landau in der Pfalz. In 1940 werd hij als opvolger van Hugo Distler docent voor compositie en dirigeren aan de Staatliche Hochschule für Musik und Darstellende Kunst Stuttgart. In 1943 werd hij tot professor benoemd. In deze tijd was hij eveneens dirigent van de Stuttgarter Orchester-Verein en de Stuttgarter Lehrergesangverein. In 1958 werd hij tot directeur van de Hochschule für Musik und Darstellende Kunst Frankfurt am Main beroepen, die hij tot 1976 leidde. In 1973 werd hij tegelijkertijd directeur van het Dr. Hoch’s Konservatorium in Frankfurt am Main.

In 1968 kreeg hij de Orde van Verdienste van de Bondsrepubliek Duitsland (Kruis van verdienste I. Klasse) en in 1975 de Goethe-plaquette van de Duitse deelstaat Hessen.

Als componist schreef hij werken voor orkest, harmonieorkest, kamermuziek en vooral koor- en vocale muziek. Naar hem is de Philipp-Mohler-Medaille benoemd die de zangersfederatie uit Rijnland-Palts verdienstelijke leden toekent.

Composities

Werken voor orkest

Werken voor harmonieorkest

Cantaten

Vocale muziek

Werken voor koor

  • 1936: Ach, wie flüchtig, ach, wie nichtig, voor mannenkoor, op. 15 - tekst: Johann Melchior Franck
  • 1936: Leben, voor mannenkoor, koperblazers en pauken, op. 5 - tekst: J. Linberg
  • 1943: Heldenruhm - alle, die hier starben, voor mannenkoor, op. 22, Nr. 2 - tekst: H. Flaskamp
  • 1943: Unter der Erde, voor gemengd koor, op. 22, Nr. 1 - tekst: Rudolf G. Binding
  • 1943: Vergangen ist die Nacht, voor vrouwenkoor, dwarsfluit en strijkorkest, op. 14
  • 1943: Zwei Weihnachtslieder (Twee kerstliederen), voor driestemmig vrouwen- of kinderkoor
    1. Maria durch einʹ Dornwald ging
    2. Zu Bethlehem geboren
  • 1950: Ein neues Jahr : ein neues Jahr, ein neue Zeit ..., voor mannenkoor - tekst: Frida Schanz
  • 1951: Ähren im Sturm - o, wie der Sturm so dunkel braust!, voor mannenkoor - tekst: Hermann Hesse
  • 1951: Ein Traum ist unser Leben, voor mannenkoor - tekst: Johann Gottfried von Herder
  • 1951: Morgensonne - tu auf das Tor, Hymne voor mannenkoor, op. 30, Nr.1 - tekst: Arthur Michel
  • 1951: Zimmerspruch - das Neue Haus ist aufgerichtʹt, voor mannenkoor, op. 30, Nr.2 - tekst: Ludwig Uhland
  • 1952: Juli - klingt im Wind ein Wiegendlied, voor mannenkoor - tekst: Theodor Storm
  • 1953: Ein freier Mut : o, wie so schön und gut!, voor driestemmig vrouwenkoor
  • 1953: Zum Abschied : fort mit den Grillen!, voor gemengd koor
  • 1959: Hausspruch - das ist das Beste, voor mannenkoor, op.39, Nr. 1
  • 1959: Glockensegen - komm in diesem Glockensegen!, voor mannenkoor, op.39, Nr. 2
  • 1963: Das Ewige ist stille, voor mannenkoor, op. 42, Nr. 3 - tekst: Wilhelm Raabe
  • 1963: Der Winter ist vergangen, voor gemengd koor
  • 1965: Deutsche Volkslieder der ADC (Arbeitsgemeinschaft Deutscher Chorverbände), voor gemengd koor en strijkorkest (of piano)
    1. Wer sich die Musik erkiest
    2. Die Gedanken sind frei
    3. Auf, du junger Wandersmann!
    4. Auf, auf, zum fröhlichen Jagen!
    5. Und in dem Schneegebirge ...
  • Drei Gesänge nach Joseph Freiherr von Eichendorff, voor mannenkoor, op. 32
  • Drei Gesänge nach Hans Leip, voor mannenkoor, op. 32
  • Laß der Urkraft edler Töne, voor gemengd koor, op. 29 Nr. 2
  • Singend sei dein Tag begonnen, voor gemengd koor
  • Der Tod von Flandern, voor mannenkoor

Liederen

  • 1932: Rilke-Lieder, voor sopraan (of tenor) en piano, op. 2
  • 1943: Nachtmusikanten : hier sind wir arme Narrʹn, serenade voor tenor, 4 tot 8-stemmig gemengd koor en klein orkest, op. 24 - tekst: Abraham a Santa Clara
  • 1957: Vagabundenlieder, 3 liederen voor zangstem en piano, op. 36 - tekst: Hermann Hesse
    1. Der alte Landstreicher
    2. Landstreicherherberge
    3. Handwerksburschenpenne

Kamermuziek

Werken voor orgel

Werken voor piano

Werken voor accordeon

Bibliografie