Splijtende tandzwam

Splijtende tandzwam
Splijtende tandzwam (Xylodon raduloides)
Taxonomische indeling
Rijk:Fungi (Schimmels)
Stam:Basidiomycota
Klasse:Agaricomycetes
Onderklasse:Agaricomycetidae
Orde:Hymenochaetales
Familie:Schizoporaceae
Geslacht:Xylodon
Soort
Xylodon raduloides
Riebesehl & Langer (2017)
Synoniemen

Schizopora radula
Hyphodontia radula
Kneiffiella radula
Poria radula

Afbeeldingen op Wikimedia Commons
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Schimmels

De splijtende tandzwam (Xylodon raduloides, synoniem: Schizopora radula) is een schimmel uit de familie Schizoporaceae. Het is een saprotrofe houtbewonende korstzwam die voornamelijk op dood hout van loofbomen groeit. De soort vormt dunne, korstvormige vruchtlichamen met een poriënlaag die bij het ouder worden een tandachtig uiterlijk kan krijgen.

Kenmerken

Uiterlijke kenmerken

De splijtende tandzwam vormt resupinate vruchtlichamen die vlak tegen het substraat aangroeien. Het vruchtlichaam is uitgestrekt en korstvormig, met een geelwitte tot oranjegele kleur. De rand is doorgaans lichter gekleurd dan het overige oppervlak.

De hymenofoor is aanvankelijk poriënvormig, met ongeveer één tot vier poriën per millimeter. De poriën zijn regelmatig tot hoekig. Bij oudere vruchtlichamen kunnen de tussenwanden van de poriën uiteenscheuren, waardoor een tandachtig oppervlak ontstaat. Op verticale substraten kunnen afgeplatte, onregelmatige tanden ontstaan.

Microscopische kenmerken

De schimmel heeft een monomitisch hyfensysteem en bestaat uit generatieve hyfen met gespen. De hyfen zijn hyalien, weinig vertakt en ongeveer 3–5 µm breed. Er komen verschillende vormen van cystideachtige elementen voor, waaronder knotsvormige, spoelvormige en aan de top verdikte structuren. Sommige zijn geïncrusteerd.

De basidiën zijn cilindrisch tot enigszins urnvormig, meestal 18–21 × 4–5 µm groot en dragen vier sterigmen.

De basidiosporen zijn ellipsoïd, glad, dunwandig en hyalien. Ze bevatten oliedruppeltjes. De afmetingen bedragen (4,5–)5–5,5(–7) × (2,5–)3–3,5(–4,5) µm. In een onderzoek uit 2019 bedroegen de gemiddelde sporenafmetingen 5,34 × 3,33 µm, met een gemiddelde lengte-breedteverhouding (Q-waarde) van 1,60.

Gelijkende soorten

De splijtende tandzwam lijkt sterk op de witte tandzwam (Schizopora paradoxa). Beide soorten hebben bleke, poriënvormige vruchtlichamen waarvan de poriënwanden op latere leeftijd kunnen uiteenvallen. Op basis van uitsluitend uiterlijke kenmerken zijn ze doorgaans niet betrouwbaar van elkaar te onderscheiden.

Volgens de Nederlandse Verspreidingsatlas ligt de gemiddelde sporenlengte bij de splijtende tandzwam onder 5,5 µm en bij de witte tandzwam boven 5,5 µm. Voor een betrouwbare determinatie wordt aanbevolen meerdere rijpe sporen uit een sporee te meten. Wanneer beide soorten niet met zekerheid kunnen worden onderscheiden, kunnen waarnemingen worden geregistreerd als Schizopora paradoxa sensu lato, inclusief S. radula.

Ecologie

De splijtende tandzwam leeft saprotroof op dood hout en draagt bij aan de afbraak daarvan. In Nederland wordt de soort vooral aangetroffen op dode takken van loofbomen en -struiken, voornamelijk in loofbossen.

Uit Europees onderzoek is de soort bekend van onder meer els (Alnus), haagbeuk (Carpinus), tamme kastanje (Castanea), beuk (Fagus), eik (Quercus) en linde (Tilia).

Verspreiding

De splijtende tandzwam is wijdverspreid in Europa. De soort is daarnaast onder meer vastgesteld op de Canarische Eilanden en in Kameroen.

In Nederland komt de splijtende tandzwam vrij zeldzaam voor. Volgens de NDFF Verspreidingsatlas valt de soort in de categorie 'Thans niet bedreigd'. Voor een zekere determinatie is microscopisch onderzoek noodzakelijk.

Taxonomie

De soort werd in 1800 door Christiaan Hendrik Persoon beschreven als Poria radula. In 1983 plaatste Nils Hallenberg de soort in het geslacht Schizopora onder de naam Schizopora radula.

In 2017 introduceerden Janett Riebesehl en Ewald Langer de naam Xylodon raduloides. Deze naam werd noodzakelijk omdat Xylodon radula (Fr.) Ţura et al. (2011) betrekking heeft op een andere soort, oorspronkelijk beschreven als Hydnum radula Fr. (1818).

Moleculair onderzoek uit 2019 toonde aan dat het voorheen ruim opgevatte Xylodon raduloides-complex meerdere afzonderlijke soorten omvat. Daarbij werden drie verwante soorten onderscheiden en beschreven: Xylodon laurentianus uit Noord-Amerika, Xylodon patagonicus uit Patagonië en Xylodon novozelandicus uit de regio Australië en Nieuw-Zeeland. Xylodon raduloides in engere zin werd onder meer op basis van Europees materiaal afgebakend.