Mehler studeerde viool, piano, orkestdirectie en compositie van 1905 tot 1914 Hochschule für Musik und Theater Hannover in Hannover bij onder anderen Robert Kahn en E. Naumann en vervolgens aan de Hochschule der Musik bij Hans Pfitzner in Berlijn. Tijdens de Eerste Wereldoorlog speelde hij viool in verschillende orkesten in Berlijn. Gedurende een drie maanden lopende werkzaamheid als docent voor muziektheorie op het Zweedse eiland Gotland ontstond een grote affiliatie voor dit eiland. In 1921 vertrok hij naar Zweden. In de stad Visby werd hij spoedig koordirigent van de Visby muziekgezelschap (Sångsällskapet NS). In 1924 werd hij dirigent van de federatie van mannenkoren op Gotland (Gotlands sångarförbund). In 1930 richtte hij de Visby konsertförening (Concertvereniging) op, die in 1973 haar naam veranderde in Gotlands konsertförening. In 1931 werd hij genaturaliseerd. In 1939 volgde de benoeming tot dirigent van de Visby Concertvereniging. Als koor- en orkestdirigent vormde hij het muziekleven in Visby.
Hij was hij muziekleraar aan een meisjesschool (1946-1964) en aan het gymnasium (Visby högre allmänna läroverk) (1952-1960).
Mehler werd Gotlands Nationaal componist, vooral om zijn international bekende toneelmuziek tot Petrus de Dacia uit 1929. Het stuk wordt iedere zomer in de ruïne van de Sint Nikolaas kerk in Visby opnieuw en onder grote belangstelling van de bevolking uitgevoerd. In 1965 ontving hij de cultuurprijs van het eiland Gotland en in 1975 werd hij met de koninklijke medaille Illis Quorum onderscheiden, vandaag de dag de hoogste onderscheiding dat een Zweeds inwoner van de Zweedse regering kan ontvangen.
Composities
Werken voor orkest
1919: Concert nr. 1, voor viool en orkest (won de Duitse Michael Beer prijs in 1920)
1925: Symfonie nr. 2, voor harmonieorkest (in 1974 herwerkt voor orkest)
1942, rev.1957: Parafras över två gotländska danser (Parafrase over twee dansen uit Gotland)
1974: Gotland, symfonisch gedicht voor harmonieorkest
Muziektheater
Toneelmuziek
1929: Petrus de Dacia (Petrus Gothensis), toneelmuziek voor orkest tot het gelijknamige toneelstuk van Josef Lundahl
1945: Valdemarståget, toneelmuziek voor orkest tot het gelijknamige toneelstuk van Sven Ulric Palme
Vocale muziek
Cantates
1933: Vi älskar vår ö (Wij houden van ons eiland), cantate voor sopraan, tenor, bas, gemengd koor en orkest - première: 18 november1933 door Musikaliska sällskapets i Visby
Werken voor koor
1921: Vaim singar, voor gemengd koor - tekst: Gustaf Larsson
1944: Gotland hell dig!, voor gemengd koor en orkest - tekst: Gustaf Larsson
1978: Sju orkidéer, voor vrouwenkoor (SSA) - tekst: Gustaf Larsson
Sommarmorgon, voor bariton (solo), mannenkoor en kamerorkest (of orgel) - tekst: Daniel Glansholm
Wolfgang Suppan, Armin Suppan: Das Neue Lexikon des Blasmusikwesens, 4. Auflage, Freiburg-Tiengen, Blasmusikverlag Schulz GmbH, 1994, ISBN 3-923058-07-1
Stig Jacobsson, Hans-Gunnar Peterson: Swedish composers of the 20th century: members of the Society of Swedish Composers, Stockholm: Svensk musik, 1988. 205 p., ISBN 978-9-185-47047-1
Stig Jacobsson: Svenska Tonsattare Diskografi, Stockholm: Rikskonserter, 1985, 266 p.
Thomas Boltenstern: Musiklexikon: Svensk 1900-talsmusik från opera till pop; 2000 biografier; termer, instrument, ensembler, repertoar, Stockholm: Natur Och Kultur, 1978, 362 p., ISBN 978-9-127-28188-2
Herbert Connor: Svensk musik: 2. fran midsommarvaka till aniara, Stockholm: Bonniers, 1977, 528 p.