| Mycocalicium | ||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Mycocalicium subtile | ||||||||||||
| Taxonomische indeling | ||||||||||||
| ||||||||||||
| Geslacht | ||||||||||||
| Mycocalicium Vain. (1890) | ||||||||||||
| ||||||||||||
Mycocalicium is een geslacht van niet-gelicheniseerde zakjeszwammen (Ascomycota) uit de familie Mycocaliciaceae. Het geslacht behoort tot de orde Mycocaliciales. In sommige recentere taxonomische indelingen wordt het ondergebracht in de familie Sphinctrinaceae.
De soorten van Mycocalicium zijn niet gelicheniseerd. Ze vormen zelf geen korstmos en hebben geen fotosynthetische symbiosepartner (fotobiont).
De levenswijze en de keuze van het substraat verschillen tussen de soorten. Zo leeft Mycocalicium subtile saprotroof op dood hout, terwijl Mycocalicium campylidiophorum als korstmosparasiet voorkomt op soorten van het korstmosgeslacht Ochrolechia.
Het geslacht heeft een wereldwijde verspreiding en is vertegenwoordigd in zowel gematigde als tropische gebieden op het noordelijk en zuidelijk halfrond.
In Nederland is het vals boomspijkertje (Mycocalicium subtile) uit dit geslacht bekend. Deze soort groeit op dood hout en wordt in de NDFF Verspreidingsatlas als zeldzaam aangemerkt.
Het geslacht Mycocalicium werd in 1890 beschreven door de Finse lichenoloog Edvard August Vainio. Hij onderscheidde niet-gelicheniseerde soorten van de korstmossen waarmee ze voorheen in het geslacht Calicium waren samengebracht.
De typesoort is Mycocalicium subtile (Pers.) Szatala, oorspronkelijk beschreven als Calicium subtile Pers. Calicium parietinum Ach., dat bij de oorspronkelijke geslachtsbeschrijving als type werd gebruikt, wordt als synoniem van deze soort beschouwd.
In 1970 herzag Alexander Friedrich Wilhelm Schmidt de indeling van verschillende spijkervormige schimmels. Hij bracht Mycocalicium samen met onder andere Chaenothecopsis, Phaeocalicium en Stenocybe onder in de familie Mycocaliciaceae.
Moleculair onderzoek leidde tot de plaatsing van deze groep in de orde Mycocaliciales, die in 2000 door Leif Tibell en Mats Wedin werd beschreven. De uiterlijke gelijkenis met vertegenwoordigers van de Caliciales berust voor een belangrijk deel op convergente evolutie.
De taxonomische afbakening van Mycocalicium is onderwerp van moleculair onderzoek. Fylogenetische analyses hebben laten zien dat de traditionele begrenzing van verschillende geslachten binnen de Mycocaliciales niet steeds overeenkomt met hun evolutionaire verwantschap. Onderzoek uit 2023 bevestigde bovendien op basis van DNA-gegevens dat Mycocalicium campylidiophorum, waarvan uitsluitend de ongeslachtelijke voortplantingsvorm was beschreven, nauw verwant is aan de typesoort M. subtile.
De families Mycocaliciaceae en Sphinctrinaceae worden in sommige recente classificaties samengevoegd onder de oudste familienaam, Sphinctrinaceae. Onder andere Species Fungorum en de NDFF Verspreidingsatlas handhaven echter de familie Mycocaliciaceae.
Volgens de taxonomische databank Species Fungorum worden de volgende dertien soorten als geaccepteerd beschouwd: