| Hoogenhuizen | ||||
|---|---|---|---|---|
| Locatie | ||||
| Locatie | Moergestel | |||
| Bijbehorend | Hoogenhuizen, Villa Hoogenhuizen: koetshuis, Villa Hoogenhuizen: hek | |||
| Vernoemd naar | Kasteel Hoogenhuizen | |||
| Status en tijdlijn | ||||
| Gereed | 1889 | |||
| Restauratie | 1972 | |||
| Architectuur | ||||
| Stijlperiode | eclecticisme | |||
| Bovengrondse etages | 2 | |||
| Bouwkundige informatie | ||||
| Opdrachtgever(s) | Christiaan Mommers | |||
| Prijzen en erkenningen | ||||
| Monumentstatus | rijksmonument | |||
| Monumentnummer | 519960 | |||
| ||||
Hoogenhuizen is een monumentale 19e-eeuwse villa in het Nederlandse dorp Moergestel, provincie Noord-Brabant. Op dezelfde locatie stond tot eind 18e eeuw het kasteel Hoogenhuizen (ook wel Hooghuis genoemd).
Het kasteeltje Hooghuis is vóór 1513 gebouwd. In dat jaar werd het landgoed verdeeld tussen Jacob Monick en de kinderen van Reiner van Diest. Jacob kreeg hierbij het Hooghuis toebedeeld. Het bouwhuis kwam toe aan de kinderen, waarvoor Jacob overigens wel 2,5 rijnsgulden ontving ter compensatie.
In 1646 huwde eigenaresse Catharina de Cock met jonker Lambert Becx. De katholieke familie Becx koos echter na de Vrede van Münster in 1648 voor een residentie in Leuven: Staats-Brabant was immers een Generaliteitsland en daar mochten katholieken geen bestuursfuncties meer uitoefenen.
Na Lamberts overlijden in 1675 ging weduwe Catharina toch weer terug naar Staats-Brabant en vestigde zich in Den Bosch. Hierdoor kwam de familie Becx alsnog op het Hooghuis te wonen. Zo vestigde jonker Gaspar Hendrik Becx, heer van Quabeeck en 't Hooghuys, zich er definitief.
In de achttiende eeuw raakte het Hooghuis in verval. De familie Becx ging daarom in 1763 op de neerhuizing wonen. Het oude Hooghuis zou in 1777 zijn afgebroken.
In 1889 kocht Christiaan Mommers, een Tilburgse textielfabrikant, het goed aan en bouwde er de villa Hoogenhuizen. Hij gebruikte deze villa als zomerverblijf.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de villa gebruikt als noviciaat door de paters Assumptionisten. Zij waren namelijk in 1942 hun missiehuis in Boxtel kwijtgeraakt aan de Duitse bezetter. In 1946 verhuisde het noviciaat naar Halsteren, waarna de villa weer in gebruik kwam als particuliere woning.
In 1972 werd de villa gerestaureerd.
Het is onbekend hoe het omgrachte kasteel Hooghuis er uit heeft gezien.
Op het huidige - nog steeds omgrachte - perceel staan een villa en koetshuis; samen met het toegangshek vormen zij één rijksmonumentencomplex.
De villa is in 1889 gebouwd in eclectische stijl en telt twee bouwlagen. De muren bestaan uit bruinrode, gele, bruine en gesmoorde machinale baksteen. Het dak is plat en heeft in leien gedekte schilden. De voorgevel is asymmetrisch.

Er zijn stilistische overeenkomsten met het kantoorgebouw van Mommers' fabriek in Tilburg.
Net als de villa dateert ook het in eclectische stijl gebouwde koetshuis uit 1889. Het gebouw telt één bouwlaag onder een zadeldak en heeft drie inrijpoorten. De muren zijn opgetrokken in bruinrode, gele en gesmoorde baksteen.
In de kamer van de koetsier bevindt zich een muurschildering van Maria met kind, geschilderd door Jan Dijker.
Rondom het huis ligt een tuin in landschapsstijl. Het in 1889 geplaatste smeedijzeren toegangshek met bakstenen pijlers sluit aan op de brug over de gracht.
Naast de villa staat de boerderij Corneliushoeve van het Noordbrabants langgeveltype. Ook deze boerderij is een rijksmonument.