Emmanuel Chabrier

Emmanuel Chabrier
Emmanuel Chabrier
Emmanuel Chabrier
Persoonsgegevens
Volledige naam Alexis Emmanuel Chabrier
Geboortedatum 18 januari 1841
Geboorteplaats AmbertBewerken op Wikidata
Overlijdensdatum 13 september 1894
Overlijdensplaats 9e arrondissement van ParijsBewerken op Wikidata
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
Handtekening Handtekening
Opleiding en werk
Opleiding gevolgd aan Lycée Saint-LouisBewerken op Wikidata
Beroep(en) Componist
Genre(s) Klassiek
Instrument(en) pianoBewerken op Wikidata
Emmanuel Chabrier
Portaal  Portaalicoon   Muziek
Chabrier door Manet in 1881
en in 1880

Alexis Emmanuel Chabrier (Ambert (Puy-de-Dôme), 18 januari 1841 - Parijs, 13 september 1894) was een Franse componist.

Levensloop

Chabrier was zoon van de advocaat Jean Chabrier. Op zesjarige leeftijd kreeg hij pianoles bij Manuel Zaporta. In 1851 vertrok de familie naar Clermont-Ferrand, waar Emmanuel het lyceum volgde en vioolles had bij Alexandre Tarnowski. In 1856 ging de familie dan naar Parijs. Emmanuel zat van 1856 tot 1858 op het lyceum Saint-Louis en ging vervolgens rechten studeren. Daarnaast studeerde hij piano bij Édouard Wolff, harmonieleer bij Richard Hammer en compositie bij Théophile Semet en Aristide Hignard. Hij was van 1861 tot 1880 in dienst bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en componeerde intussen als een begaafd amateur.

Chabrier was ook geïnteresseerd in literatuur en schilderkunst, zodat hij bevriend raakte met verschillende kunstenaars. Zijn vriendschap met Paul Verlaine was de basis voor de libretti van zijn operettes Fisch-Ton-Kan (1863-1864) en Vaucochard et fils Ier (1864). Deze operettes bleven echter onvoltooid, evenals de opera Jean Hunyade waaraan hij in 1867 begonnen was. Chabrier raakte eveneens bevriend met andere componisten, onder wie Camille Saint-Saëns, Jules Massenet, Vincent d'Indy en César Franck. Zijn vriendenkring telde ook de impressionistische schilder Édouard Manet, die twee portretten van Chabrier schilderde. Andere intellectuele vrienden waren Villiers de l’Isle Adam, Jean Richepin en Catulle Mendès.

In 1873 huwde hij Marie Alice Dejean. Hij schreef zijn eerste orkestwerken en had uiteindelijk succes met zijn opera's L'Étoile in 1877 en Une éducation manquée in 1879. In 1879 woonde hij in München een opvoering bij van Tristan und Isolde van Richard Wagner. Deze opera maakte grote indruk op hem. Hij gaf in 1880 zijn baan bij het ministerie op en legde zich voortaan uitsluitend toe op het componeren. In 1881 ontstonden zijn tien Pièces pittoresques, die een groot succes werden. In aansluiting op een concertreis naar Spanje ontstond de orkestrapsodie España, zijn bekendste werk.

Vanaf 1883 componeerde hij voornamelijk in La Membrolle-sur-Choisille (Touraine), waar zijn Trois Valses romantiques voor piano ontstonden. Zijn bewondering voor Wagner had invloed op zijn in 1886 gecreëerde opera Gwendoline. Als gevolg van ziekten, financiële problemen en teleurstelling over het geringe succes van zijn muziektheaterwerken, nam zijn motivatie om te componeren af. Zijn laatste opera Briséïs bleef onvoltooid. Chabrier overleed op 53-jarige leeftijd na een lang ziekbed. De eerstvolgende generatie erkende het belang van Chabrier, vooral van zijn pianowerken.

Composities

Werken voor orkest

Muziektheater

Opera's

Affiche voor de première van Gwendoline, De Munt, Brussel, 1886
Voltooid in titel aktes première libretto
1863-1864 a) Fisch-Ton-Kan;
b) als Peh-Li-Kan
a) onvoltooid;
b) 31 maart 1875, Parijs, Cercle de l'Union artistique
Paul Verlaine
1867 Jean Hunyade 4 aktes; (onvoltooid) Henri Fouquier
1877 L'Étoile 3 aktes 28 november 1877, Parijs, Théâtre des Bouffes-Parisiens Eugène Leterrier en Albert Vanloo
1877 Le Sabbat 2 aktes; onvoltooid Silvestre
1878/1880-1883 Les Muscadins 4 aktes, 5 taferelen; onvoltooid Jules Claretie en Silvestre
1886 Gwendoline 2 aktes, 3 taferelen 10 april 1886, Brussel, Koninklijke Muntschouwburg Catulle Mendès
1887 Le Roi malgré lui 3 aktes 18 mei 1887, Parijs, Opéra-Comique Emile de Najac en Paul Burani, in samenwerking met Jean Richepin
1888-1893 Briséïs ou Les amants de Corinthe;
Chabrier schreef de 1e akte
3 aktes 31 januari 1897, Parijs, Concerts Lamoureux (concertante versie, in 1 akte);
14 januari 1899, Berlijn, hofopera (scenische versie; Duitse vertaling: E. Klingenfeld)
Ephraïm Mikhaïl en Catulle Mendès,
naar de Ballade "Die Braut von Korinth" van Johann Wolfgang von Goethe

Operettes

Voltooid in titel aktes première libretto
1864 Vaucochard et fils Ier (onvoltooid) 22 april 1941, Parijs, Conservatoire national supérieur de musique, Salle de l'Ancien Paul Verlaine
1872 Le Service obligatoire; samen met: Jules Costé en René de Boisdeffre 3 aktes 1872, Parijs, Cercle de l'Union artistique Albert Marion of Henri Leilhac, Fournier-Sarlovèze
1879 Une Éducation manquée 1 akte 1 mei 1879, Parijs, privé uitvoering in het "Cercle Franco-International" met pianobegeleiding;
1913, Parijs, Théâtre des Arts (met orkestbegeleiding)
Eugène Leterrier en Albert Vanloo

Toneelmuziek

  • 1887 La Femme de Tabarin, muziek voor het toneelstuk van Catulle Mendès, muziek is verloren gegaan

Vocale muziek

Werken voor piano

Bibliografie